Column | Gilbert & George

Victor & Rolf, Lennon & McCartney en de gebroeders Coen. Creatieve duo’s zijn van alle tijden. Laurel & Hardy stonden al in een lange traditie van variété duo’s. Het fenomeen is van alle dagen, maar lijkt recentelijk toe te nemen. Daarom werd het tijd voor een onderzoek. Wat zijn de voor- en nadelen van het creatieve duo? En is iedereen geschikt om als helft van een duo te fungeren?

Gilbert & George


Column door Arjan van den Born

Op het eerste gezicht lijkt het duo een aantrekkelijke werkvorm. Een duo beschikt immers over vele mogelijkheden die een individu niet heeft. Twee weten en kunnen meer dan één. Een duo kan taken verdelen. Waar de een goed in is, kan de ander niet. Ook kan een duo overleggen over complexe taken; hoe zou jij dit aanpakken? En soms zijn er lastige zaken die veel energie kosten. Bijvoorbeeld als een klant de rekening niet betaald; wie gaat er achteraan? Een duo zorgt voor structuur, regels en afspraken; de partner als stok achter de deur. Ook kan een duo kunstwerken maken die een eenling niet kan produceren; groter, hoger en complexer. Niet voor niets zijn Christo & Jean Claude een duo. Onderdeel zijn van een duo biedt vele voordelen.

Ook wetenschappelijk zou het duoschap een aantrekkelijke werkvorm moeten zijn in de kunsten (“two is the magic number”). Steeds beter weten we dat de mythe van de autonome creatieve genius onzin is. Creativiteit zit voor een flink deel in interactie met anderen; het is een sociaal fenomeen. Door te werken en te communiceren met anderen brengen we anderen op vernieuwende ideeën en brengen anderen ons op vernieuwende ideeën. Niet voor niets zie je dat veel digitale innovaties tot stand komen in online communities waar nerds op elkaars ideeën bouwen. Het creatief vermogen van een duo is simpelweg groter dan dat van een eenling.

Waarom zijn er dan niet meer duo’s in de kunsten? Daar zijn een drietal mogelijke redenen voor. Ten eerste zijn de traditionele kunstopleidingen vooral gebaseerd zijn op individuele beoordelingen. Samenwerken wordt niet aangemoedigd. Ten tweede willen veel mensen graag geloven in “de mythe van het creatieve genie”. Dat twee mensen samen verantwoordelijk zijn voor een creatief werk wordt nog altijd moeilijk begrepen. Vaak wordt een van de twee dan gezien als de “echte” kunstenaar en de ander is dan bijzaak (ben je voor Paul of voor John?). Ten derde blijkt samenwerken in duo’s moeilijk, zeker bij zoiets persoonlijks als kunst. Deze complexiteit blijkt ook uit een gevleugelde uitspraak uit de bouw, nl.; “een VOF is een sof” wat zoveel wil zeggen dat samenwerken als duo (in een Vennootschap Onder Firma; VOF) gedoemd is te mislukken. En als dat in de bouw zo is, waarom dan niet in de kunst?

Ondanks dit alles stijgt het aantal creatieve duo’s langzaam maar zeker sinds de dagen van Gilbert en George. Steeds meer kunstenaars zien de voordelen van intensieve samenwerking uit praktisch, sociaal en creatief oogpunt. Het is daarom hoog tijd voor een eerste onderzoek naar deze opkomende vorm van kunstenaarschap. Wat voor soort kunstenaars zijn geschikt als helft van een duo, hoe werken creatieve duo’s in de praktijk samen en welke factoren bepalen het succes van een creatief duo?

Ons eerste onderzoek naar creatieve duo’s in de kunsten is op dit moment op een haar na afgerond. We kunnen nog niet alles verklappen, maar een van onze conclusies is dat opposites do not attract. Partners in creatieve duo’s blijken vooral partners te zoeken met ongeveer dezelfde eigenschappen. Partners in creatieve duo’s zijn dus helemaal niet zo verschillend als je misschien zou verwachten. Ze lijken op elkaar. Blijkbaar is het lastig samenwerken met iemand die echt anders is.

Deze column is eerder gepubliceerd in FNV Kiem Magazine, Jaargang 6 Editie 1 (2014).