Column | Kunstenaars, apen en beleggers

Door: Arjan van den Born

Stel je voor dat we met de hele wereldbevolking van 7 miljard mensen samen een wedstrijd houden. In deze wedstrijd zet elke wereldburger 10 euro in zodat er een prijzenpot ontstaat van zo’n 70 miljard euro. Dit gehele bedrag gaat naar de winnaar van een heel simpel spel; nl. diegene die het langst munt blijft gooien. Elke week gooien we met zijn allen op een bepaald tijdstip, zeg 12 uur op zondag, met een muntje. De mensen die munt gooien gaan door naar de volgende ronde, diegene die kop gooien vallen af en mogen niet meer mee doen. In de eerste weken van dit experiment zou er waarschijnlijk niet veel gebeuren. Maar na een week of 20 zijn er, naar verwachting, nog maar zo’n 5000 mensen over. En dat is ook het moment dat de media er op duiken. De mensen die dan nog over zijn worden heel speciaal gemaakt; zij zijn de talentvolle “muntjeswerpers”. TV en radio zullen vragen: “hoe doet u dat toch, elke keer munt gooien?“ Boeken en Apps zullen verschijnen met titels als: “Hoe gooi je munt” en “Hoe God mij helpt om munt te gooien”. Deze wedstrijd wordt nog spannender na zo’n half jaar als er nog maar een tiental mensen mogen deelnemen. Deze mensen zullen als echte beroemdheden over straat gaan en door velen op handen worden gedragen. De uiteindelijk winnaar wordt bijna magische eigenschappen toegedicht.

Ik heb dit experiment niet zelf bedacht. Het staat in het wereldberoemde boek van Burton Malkiel; “A Random Walk down Wall Street”. Daarin stelt Malkiel dat beleggers gewoon “muntjeswerpers” zijn. Net als in de wedstrijd hierboven zie je ook dat sommige beleggers op handen worden gedragen en bonussen van soms tientallen miljoenen ontvangen; zij zijn immers heel speciaal. Maar volgens Malkiel hebben deze beleggers gewoon geluk gehad net als de “muntjeswerpers”.

Wat heeft dit met Kunst te maken? Misschien meer dan u denkt. Matthew Salganik deed in 2008 onderzoek naar de rol van de sociale omgeving voor het bepalen van het succes van muziek, kunst en boeken. Hij en zijn medeauteurs zetten een ingenieus experiment op: ze creëerden een website waar mensen naar muziek konden luisteren van onbekende kunstenaars. Deelnemers werden willekeurig toegewezen aan verschillende virtuele kamers. Zo werden acht parallelle werelden gecreëerd waardoor onderzoekers de rol van toeval en de sociale omgeving op de vorming van hits konden zien. Het resultaat? Mensen luisteren vooral nummers die ook anderen luisteren. Zo ontstonden in de verschillende virtuele werelden volstrekt uiteenlopende hits. Een hit in de ene virtuele wereld was een totale flop in de andere wereld. Salganik constateert dan ook dat het onmogelijk is om de populariteit van kunst te voorspellen. Wat wij mooi vinden is vooral afhankelijk van onze sociale omgeving. Het ontstaan van hits is volstrekt willekeurig. Enfin, beleggers en kunstenaars hebben blijkbaar meer gemeen dan u misschien zou willen. Succes is vooral toeval. Denkt u daaraan als u de volgende keer een interview leest van een succesvolle kunstenaar.